Berekeningen

  • Zoals u hierna zult lezen, komt er bij het bepalen van welke netto of bruto berekening(en) in uw concrete geval zowel wenselijk als noodzakelijk is, nogal wat kijken. Het is een aandachtspunt waarover u eerder niet hoefde na te denken en dat kan natuurlijk voor onrust zorgen. Daarnaast spelen de emotionele aspecten uiteraard ook nog een rol.
  • Tremanormen.nl kan u tijdens dat proces bijstaan op juridisch, financieel en fiscaal gebied. Neem gerust kosteloos telefonisch op 074 – 250 72 73 of per email contact met ons op voor een vrijblijvend oriënterend gesprek òf wanneer u concrete vragen hebt, of het antwoord op uw vraag op deze site niet hebt kunnen vinden. Zo krijgt u op het praktische vlak in ieder geval alvast een stuk rust en zekerheid terug.

De globale berekening ziet er als volgt uit:

  1. netto besteedbaar inkomen
  2. af: alimentatievrije voet (= toepasselijke bijstandsnorm minus minimale eigen huur zoals die wordt gehanteerd bij vaststelling van het recht op huurtoeslag)
  3. af: woonkosten boven die minimale eigen huur (2018: € 222,–)
  4. af: premie ziektekostenverzekering minus nominale premie (2018: € 35,–) en minus de eventueel te ontvangen zorgtoeslag
  5. af: overige relevante kosten, zoals aflossing van huwelijkse schulden en redelijke oudedagsvoorziening
  6. van het restant wordt afhankelijk van de gebruikte methode (bruto of netto) en de leefsituatie van de onderhoudsplichtige een percentage genomen dat als kinder- of partneralimentatie kan worden betaald
  7. hierbij komt nog het fiscaal voordeel over die berekende alimentatie.

Het netto model is veel eenvoudiger van opzet dan het bruto-model en bedoeld voor de eventueel alimentatieplichtige met een inkomen van niet meer dan € 1.400,– bruto per maand, excl. vakantietoeslag (circa € 1.250,– netto per maand). Uitgangspunt is daarbij dat betrokkene alleen inkomstenbelasting betaalt in de 1ste schijf. Op deze site is een voorbeeld van een netto draagkrachtberekening beschikbaar.

Het bruto model is de meest uitgebreide methode voor het maken van een alimentatieberekening. Dit model komt in aanmerking als het bruto inkomen van betrokkene meer bedraagt dan € 1.400,– per maand, of, anders gezegd, als niet zonder meer mag worden aangenomen dat betrokkene uitsluitend belasting betaalt naar het tarief van schijf 1. Op deze site is een voorbeeld van een bruto draagkrachtberekening beschikbaar.

Als het gaat om inzicht te verkrijgen in de opbouw van de behoefte van de alimentatiegerechtigde en de vraag welk inkomen de alimentatieplichtige zich zou moeten verwerven om in die behoefte te kunnen voorzien, dan bent u aangewezen op een behoefteberekening. Op deze site is onder de knop downloads een voorbeeld van een behoeftebrekening beschikbaar.

Als er sprake is van eigen inkomen van een onderhoudsgerechtigde en/of van een relatief hoge behoefte en draagkracht, kan het nuttig en redelijk zijn de financiële situatie van partijen op basis van ieders inkomen en lasten te vergelijken. Men noemt dit een jusvergelijking. Aan de hand daarvan kan bezien worden of er reden is een lagere bijdrage vast te stellen dan de berekende maximale draagkracht bij de onderhoudsplichtige.

In het algemeen vindt de werkgroep alimentatienormen van de NVvR het redelijk, dat de onderhoudsgerechtigde niet meer “vrije ruimte” of  “jus” overhoudt dan de onderhoudsplichtige; met andere woorden de onderhoudsgerechtigde behoeft niet in een betere financiële positie te worden gebracht dan de onderhoudsplichtige (N.B: er bestaat geen regel dat partijen na de scheiding in beginsel een gelijk besteedbaar inkomen behoren te hebben). Voorwaarde voor een goede vergelijking is een gelijke behandeling van partijen bij de beoordeling van hun lasten. Voor de onderhoudsgerechtigde kan op dezelfde wijze als voor de onderhoudsplichtige een draagkrachtberekening worden gemaakt met daarin verwerkt de bijstandsnorm (in beginsel voor een alleenstaande, tenzij er nog andere gezinsleden zijn die (mede) door de onderhoudsgerechtigde moeten worden onderhouden dan de kinderen van partijen), de woonlast, de premie ZVW en andere bijzondere, noodzakelijke lasten. Luxe uitgaven waaraan de onderhoudsgerechtigde tijdens het huwelijk gewend was, dienen niet in het draagkrachtloos inkomen te worden opgenomen; bij de onderhoudsplichtige gebeurt dit immers ook niet. Vervolgens wordt dan vergeleken welke “jus” ieder overhoudt na betaling van een bepaald bedrag aan partneralimentatie door de onderhoudsplichtige. Bij de onderhoudsplichtige wordt de eventueel te betalen kinder­alimentatie (voor hun beider of andere kinderen) als last meegenomen. De door de onderhoudsgerechtigde ontvangen kinderalimentatie wordt direct toegerekend aan de desbetreffende kinderen en geldt voor die ouder niet als inkomen. Wel wordt bij de bepaling van het inkomen van die ouder rekening gehouden met de aan die ouder toekomende fiscale voordelen van het tot het gezin behoren van kinderen, voornamelijk ten gevolge van het benutten van extra heffingskortingen.

De aldus berekende jus bij elk van beide partijen verschaft inzicht in de financiële gevolgen van een scheiding. Deze jus hebben beide partijen immers nodig om te voorzien in de luxe uitgaven (de welstand) waaraan zij gewend waren tijdens het huwelijk. Denk bij voorbeeld aan vakanties, een auto, contributies van clubs en dergelijke. De onderhoudsgerechtigde dient deze luxe lasten wel aannemelijk te maken. Op deze site is onder de knop downloads een voorbeeld van een jusvergelijking beschikbaar.

Indien beide ouders na de scheiding een inkomen hebben dat hoger is dan de bijstandsnorm voor een alleenstaande, rijst de vraag wie welk deel van de behoefte van een kind moet dragen. Ter bepaling van ieders aandeel kan van beide ouders een draagkrachtberekening worden gemaakt die dan vervolgens met elkaar worden vergeleken, een draagkrachtvergelijking. Dat is niet nodig als de gezamenlijke draagkracht van de ouders lager is dan de behoefte van het kind. Dan wordt de bijdrage van de onderhoudsplichtige ouder beperkt tot diens draagkracht.

Voor het geval wel een volledige draagkrachtvergelijking wordt gemaakt, beveelt de werkgroep aan de betrokken kinderen buiten beschouwing te laten. Dat betekent dat de rechthebbende als alleenstaande wordt beschouwd, tenzij er nog andere gezinsleden zijn die (mede) door de onderhoudsgerechtigde moeten worden onderhouden dan de kinderen van partijen. Wel moet er rekening mee worden gehouden dat enerzijds de rechthebbende door aanwezigheid van deze kinderen in aanmerking kan komen voor extra heffingskortingen en anderzijds de niet verzorgende ouder voor de persoonsgebonden aftrek wegens kinderalimentatie. Op deze site is onder de knop downloads een voorbeeld van een draagkrachtvergelijking / verdeling kosten kinderen beschikbaar.

Garantie & aansprakelijkheid

De door tremanormen.nl geconcipieerde berekeningen en adviezen zijn gebaseerd op de door de opdrachtgever aangeleverde informatie (voorzien van bewijsstukken) en op de bij tremanormen.nl bekende Tremanormen, de meest recente jurisprudentie en de door tremanormen.nl gehanteerde software van een gerenommeerde uitgever. Deze software wordt ook gebruikt door alle rechtbanken en gerechtshoven in Nederland. De berekeningen en adviezen hebben een indicatief karakter waar aan geen rechten kunnen worden ontleend en waarvoor door tremanormen.nl geen aansprakelijkheid wordt aanvaard. Bij onjuistheden en/of fouten, door tremanormen.nl gemaakt, zal tremanormen.nl de berekeningen en/of adviezen aanpassen zonder aanvullende kosten voor de opdrachtgever, indien deze onjuistheden en/of fouten schriftelijk gemeld worden binnen acht dagen na vervaardiging van de berekeningen en/of adviezen.

Eén ding is zeker, u wordt er altijd beter van:

  • Lukt het ons u een gunstiger alimentatie te berekenen, dan betekent dat direct voordeel voor u!
  • Lukt het ons niet om u een gunstiger alimentatie te berekenen, dan heeft u daarmee een bevestiging dat de huidige alimentatie of verhaalbijstand correct is vastgesteld of overeengekomen.

Vragen of advies? bel: 074 – 250 72 73

Share