Wat betekent verevening van pensioenrechten bij scheiding?

Verevening van pensioenrechten bij scheiding of beëindiging van geregistreerd partnerschap betekent dat het ouderdomspensioen dat is opgebouwd tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap verdeeld wordt tussen u en uw ex-partner.

Wet verevening pensioenrechten bij scheiding is van toepassing na 30 april 1995

De Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (VPS) geldt voor u als:

– uw echtscheiding na 30 april 1995 is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand;
– uw scheiding van tafel en bed na 30 april 1995 definitief was;
– uw geregistreerd partnerschap is beëindigd.

Als u ongehuwd bent of geen geregistreerd partnerschap heeft als uw relatie eindigt, geldt de wet niet voor u. U kunt dan wel zelf afspraken maken over verdeling van pensioen, bijvoorbeeld in een notarieel samenlevingscontract. Voor veel pensioenuitvoerders is een samenlevingscontract een voorwaarde voor een partnerpensioenregeling. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met uw pensioenuitvoerder.

Scheidingen vóór 27 november 1981

Bent u voor 27 november 1981 gescheiden, dan kunt u geen aanspraak meer maken op het pensioen van uw ex-partner.

Scheidingen tussen 27 november 1981 en 1 mei 1995

Bent u tussen 27 november 1981 en 1 mei 1995 gescheiden en vond de boedeldeling na de scheiding plaats, dan valt u niet onder de Wet VPS. U valt wel onder de regeling in het Pensioenarrest, ook bekend als Boon Van Loon.

Share

Hoe wordt het ouderdomspensioen verdeeld na een scheiding?

U en uw ex-partner hebben volgens de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Wet VPS) allebei recht op de helft van het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap is opgebouwd. Het maakt daarbij niet uit of u getrouwd bent in gemeenschap van goederen of dat u huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden heeft afgesloten.

Aanvragen uitbetaling ouderdomspensioen

De pensioenuitvoerder betaalt het verdeelde ouderdomspensioen rechtstreeks uit aan u en uw ex-partner. De rechter hoeft hierover geen beslissing te nemen. Om dit te kunnen doen, moet de pensioenuitvoerder wel van uw scheiding op de hoogte zijn. U moet daarom de pensioenuitvoerder binnen 2 jaar na de scheiding het formulier “Mededeling van scheiding in verband met de verdeling van ouderdomspensioen” toesturen.

Als u het formulier niet binnen 2 jaar na de scheiding naar de pensioenuitvoerder stuurt, hoeft de pensioenuitvoerder het pensioen niet te verdelen. Uw ex-partner heeft dan nog steeds recht op zijn of haar deel. U moet uw ouderdomspensioen na pensionering dan zelf onderling verdelen.

Andere verdeling ouderdomspensioen

Wilt u geen standaardverdeling, dan kunt u met uw ex-partner een andere verdeling van het ouderdomspensioen afspreken. Bijvoorbeeld 60% voor de ene partner en 40% voor de andere partner. U moet deze afspraken vastleggen in het scheidingsconvenant of in uw huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden. Als u hiervoor kiest, moet u een afschrift van dit stuk naar de pensioenuitvoerder sturen. Voor hulp en advies kunt u contact opnemen met uw notaris of advocaat.

Conversie ouderdomspensioen

U kunt ook kiezen voor conversie van het ouderdomspensioen. Bij conversie wordt het ouderdomspensioen van de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd, voorgoed omgezet in een eigen ouderdomspensioen voor beide partners. De ex-partner die het pensioen niet heeft opgebouwd, heeft nu een eigen aanspraak op het ouderdomspensioen dat tot uitkering komt op het moment dat de ex-partner zelf de pensioengerechtigde leeftijd bereikt.

Kosten en uitbetaling pensioen

De pensioenuitvoerder mag de kosten van het verdelen van het pensioen aan beide ex-partners in rekening brengen. Wilt u de hoogte van het bedrag weten, dan kunt u terecht bij uw pensioenfonds of verzekeraar.

U heeft recht op uitbetaling van het verevende deel van het ouderdomspensioen van uw ex-partner vanaf het moment dat uw ex-partner de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Alleen als u gekozen heeft voor conversie, wordt hiervan afgeweken.

Het ‘recht op uitbetaling’ is steeds afhankelijk van de pensioendatum van de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd. Als die persoon kiest voor een vervroeging van de pensioendatum, krijgt de ex-partner ook eerder zijn of haar deel uitbetaald.

Pensioen overlijden ex-partner

Als uw ex-partner overlijdt, verandert de situatie voor u:

  • Overlijdt de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd, dan krijgt u als overlevende ex-partner geen deel meer van het ouderdomspensioen. Meestal is er dan recht op bijzonder nabestaandenpensioen. Overlijdt iemand voor de pensioendatum, dan wordt helemaal geen ouderdomspensioen uitgekeerd.
  • Overlijdt de ex-partner die het pensioen niet zelf heeft opgebouwd, dan krijgt de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd weer het volledige ouderdomspensioen.
  • Als er conversie heeft plaatsgevonden, verandert de situatie voor de ex-partner niet als de ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd, overlijdt. Door conversie is er namelijk een zelfstandige aanspraak op ouderdomspensioen ontstaan voor beide ex-partners.

Geen verdeling pensioen (drempelbedrag)

Het pensioen wordt niet altijd verdeeld. U heeft volgens de wet geen recht op pensioenverevening als het door de pensioenuitvoerder uit te keren bedrag lager is dan het drempelbedrag. Het drempelbedrag is vanaf 1 januari 2011 vastgesteld op € 427,29 bruto per jaar.

Het bedrag dat de pensioenuitvoerder zou moeten betalen aan de ex-partner die zelf het pensioen niet heeft opgebouwd, moet op het tijdstip van scheiding dus meer zijn dan het drempelbedrag. Woont die persoon op het moment van scheiding in het buitenland, dan is de ondergrens het dubbele van dit bedrag.

Het uit te keren bedrag wordt berekend over de totale periode dat u bij de pensioenuitvoerder pensioen heeft opgebouwd. Is het pensioen opgebouwd bij 2 of meer pensioenuitvoerders, dan wordt het drempelbedrag per pensioenuitvoerder berekend.

Koude uitsluiting

Over het algemeen wordt in Nederland getrouwd in gemeenschap van goederen. Dit betekent dat alle goederen van beide partners zijn. Door het opstellen van huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden kunnen bepaalde goederen van de gemeenschap worden uitgesloten. Als elke vorm van gemeenschap van goederen wordt uitgesloten, wordt dit koude uitsluiting genoemd.

Bij echtscheiding op of na 1 mei 1995 wordt het pensioen ondanks de overeengekomen koude uitsluiting verdeeld, tenzij de Wet VPS expliciet niet van toepassing wordt verklaard in de huwelijkse voorwaarden of het scheidingsconvenant. Als u tussen 27 november 1981 en 1 mei 1995 gescheiden bent, dan is bij koude uitsluiting het pensioen niet verdeeld.

Als uw geregistreerd partnerschap eindigt, wordt het pensioen ondanks de overeengekomen koude uitsluiting verdeeld, tenzij de Wet VPS expliciet niet van toepassing wordt verklaard in de partnerschapsvoorwaarden of de overeenkomst waarmee het partnerschap beëindigd wordt.

Share

Heeft de verdeling van het ouderdomspensioen gevolgen voor de hoogte van de alimentatie?

Als het pensioen nog niet wordt uitbetaald, heeft pensioenverevening bij scheiding geen gevolgen voor de hoogte van alimentatie. Wordt het verdeelde pensioen uitbetaald, dan kan dit wel van invloed zijn op de hoogte van de alimentatie die wordt betaald.
Pensioen beïnvloedt behoefte en draagkracht

Het uitbetaalde pensioen beïnvloedt de behoefte van degene die alimentatie krijgt en de draagkracht van degene die alimentatie betaalt. Of het uitbetalen van het verdeelde pensioen in uw geval van invloed is op het doorlopen en/of de hoogte van de alimentatie, hangt af van de concrete omstandigheden. Meer informatie over (de wijziging van) alimentatie in verband met de hoogte van partneralimentatie kunt u krijgen door contact op te nemen met tremanormen.nl. Vermindering van partneralimentatie kunt u onderling afspreken

Als u en uw ex-partner het er met elkaar over eens zijn dat na de pensionering de alimentatie vermindert of zelfs op nihil wordt gesteld wordt, hoeft u daarover niet te procederen. De ex-partner die alimentatie ontvangt, kan de ander rechtsgeldig in een brief meedelen tot welk bedrag de alimentatie mag worden verminderd.

Share

Pensioenverevening – geen spoedeisend belang.

Bron: publicatie op 30 juli 2012, LJN: BX3012, Rechtbank Almelo , 128060 / KG ZA 12-75

Uitspraak
RECHTBANK ALMELO
Sector civiel recht

zaaknummer: 128060 / KG ZA 12-75
datum vonnis: 15 mei 2012

Vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Almelo, rechtdoende in kort geding, in de zaak van:

[Eiseres],
wonende te [woonplaats],
eiseres,
verder te noemen [eiseres],
advocaat: mr. W.F.A. Zwart- Peters te Deventer,

tegen

[gedaagde],
wonende te [woonplaats],
gedaagde,
verder te noemen [gedaagde],
advocaat: mr. H. Dijks te Enschede.

Het procesverloop

[Eiseres] heeft gevorderd als vermeld in de dagvaarding.
De zaak is behandeld ter terechtzitting van 1 mei 2012. Ter zitting zijn verschenen: [eiseres], bijgestaan door mr. Zwart-Peters en [gedaagde], bijgestaan door mr. Dijks.
De standpunten zijn toegelicht.
Het vonnis is bepaald op vandaag.

De vaststaande feiten

1.1 In deze zaak staat het navolgende vast. Partijen zijn voormalige echtelieden. Bij beschikking van 15 maart 2000 heeft de rechtbank de echtscheiding tussen partijen uitgesproken. De echtscheidingsbeschikking is op 5 april 2000 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente Hengelo. Op 27 januari 2000 hebben partijen een echtscheidingsconvenant gesloten. Op 14 april 2000 heeft notaris mr. G.J. Numan te Hengelo het echtscheidingsconvenant vastgelegd in een akte van verdeling, welke akte door partijen is ondertekend. In het echtscheidingsconvenant van 27 januari 2000 is, met betrekking tot de pensioenrechten van de man, de navolgende bepaling door partijen overeengekomen:

“- De pensioenrechten (Grafisch bedrijfsfonds) uit het verleden blijven onverdeeld.”

In de akte van verdeling is hieromtrent de navolgende bepaling opgenomen:

“PENSIOENRECHTEN
Terzake van de door partijen in het verleden opgebouwde aanspraken op pensioen bij Grafisch bedrijfsfonds onverdeeld blijven.”

1.2 De man is sedert 12 april 2011 met pensioen gegaan en sindsdien ontvangt hij een pensioenuitkering van het Grafische Bedrijfsfonds (hierna GBF), te Amsterdam.

1.3 Bij brief van 8 augustus 2011 heeft [eiseres] de notaris aangeschreven met het verzoek de hierboven genoemde bepalingen uit te leggen. Bij brief van 17 augustus 2011 aan [eiseres] heeft de notaris laten weten dat voormelde bepaling in de akte als volgt dient te worden uitgelegd: “Ofwel u heeft een eigen recht behouden over de periode dat u gehuwd was”.

1.4 Het GBF heeft bij brief van 9 november 2011 laten weten dat zij geen mogelijkheid ziet om [eiseres] in aanmerking te laten komen voor toekenning van een deel van de pensioenaanspraken van [gedaagde]. Daarvoor had zij binnen 2 jaar na de echtscheiding het formulier ‘Mededeling van scheiding in verband met verdeling ouderdomspensioen’ moeten indienen. Nu zij dit heeft nagelaten komt zij enkel voor rechtstreekse uitbetaling van de door haar geclaimde aanspraak in aanmerking indien bijgaand formulier (hierna ‘de verklaring’) ondertekend door [gedaagde] retour wordt gezonden. Door ondertekening van die verklaring zal [gedaagde] alsnog toestemming geven om tot verevening over te gaan.

Standpunten van partijen

2.1 [Eiseres] stelt dat [gedaagde] niet bereid is om vrijwillig mee te werken aan de uitvoering van de standaardregeling in de Wet Verevening Pensioenrechten bij Scheiding (hierna WVPS), op grond waarvan zij recht heeft op de helft van de aanspraken van de man op ouderdomspensioen, voor zover deze over de huwelijkse jaren door hem zijn opgebouwd. Nu partijen de werking van die wet niet uitdrukkelijk hebben uitgesloten in het echtscheidingsconvenant en akte zoals artikel 2 WVPS vereist en de notaris heeft bevestigd dat verevening de bedoeling van partijen was, vordert [eiseres] dan ook:

  • [gedaagde] te veroordelen de door [eiseres] overgelegde verklaring van GBF behoorlijk en volledig ingevuld en door hem ondertekend toe te zenden aan het GBF onder gelijktijdige verzending van een afschrift daarvan aan de advocaat van de vrouw op straffe van verbeurte van een dwangsom;
  • te bepalen dat het ten deze te wijzen vonnis daarvan in de plaats treedt van de voor de verevening van de pensioenrechten van partijen en rechtstreekse uitkering van het aan de vrouw toekomende door het GBF noodzakelijke medewerking van de man;
  • [gedaagde] te veroordelen om aan de vrouw schriftelijk de hoogte van zijn ouderdomspensioen en het totaalbedrag van de op dat moment door hem ontvangen pensioentermijnen aan de vrouw op te geven op straffe van verbeurte van een dwangsom;
  • te bepalen dat het ten deze te wijzen vonnis in de plaats treedt van de toestemming van de man om aan het GBF de vrouw alle redelijkerwijs door haar gewenste informatie omtrent de pensioenrechten van partijen aan de vrouw te verstrekken indien de man in gebreke blijft aan het hiervoor onder c. gevorderde;
  • [gedaagde] te veroordelen tegen kwijting de helft van het bedrag dat hij van het GBF aan ouderdomspensioen heeft ontvangen en ontvangt aan [eiseres] te betalen, voor de toekomst telkens binnen zeven dagen na ontvangst van een pensioentermijn te voldoen, zolang het GBF [eiseres] niet rechtstreeks het haar toekomende uitkeert, vermeerderd met de wettelijke rente over elke pensioentermijn vanaf zeven dagen na ontvangst daarvan van [gedaagde];
  • met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten, alsmede veroordeling tot betaling van de nakosten en bij gebreke van tijdige betaling hiervan de wettelijke rente daarover.

2.2 [Gedaagde] voert verweer tegen de stellingen van [eiseres]. [Gedaagde] betwist dat de bedoeling van partijen was dat [eiseres] aanspraak zou kunnen maken op de helft van zijn ouderdomspensioen voor zover deze over de huwelijkse jaren door hem zijn opgebouwd. [Eiseres] is immers royaal overbedeeld tijdens de scheiding en een objectieve lezing van de bepalingen laat ook geen ruimte voor twijfel, volgens [gedaagde]. In casu betekent ‘onverdeeld’ dat iedere partij zijn eigen pensioenaanspraken houdt. De notaris heeft, zo heeft hij [gedaagde] ook verteld, voor zijn beurt gesproken, aldus [gedaagde]. De bedoeling van partijen was om geen verevening te laten plaatsvinden. Volgens [gedaagde] zijn destijds vele (afwijkende) afspraken gemaakt die in het echtscheidingsconvenant zijn opgenomen en is de huwelijkse gemeenschap verdeeld, waarbij partijen ook zijn overeengekomen dat partijen afstand hebben gedaan van elk recht tot het vorderen van ontbinding, herrekening of vernietiging van deze verdeling, op welke grond ook. Over het deel dat onverdeeld is gebleven (pensioenaanspraken [gedaagde]) kan [eiseres] thans geen aanspraak meer op maken.

2.3 Ondanks diverse sommaties daartoe is [gedaagde] niet tot ondertekening van de verklaring overgegaan.

2.4 [Eiseres] stelt een spoedeisend belang bij het gevorderde te hebben nu [eiseres] recht heeft op de helft van het ouderdomspensioen van [gedaagde], voor zover deze over de huwelijkse jaren door hem zijn opgebouwd, partijen de WVPS niet rechtsgeldig hebben uitgesloten en de bedoeling van partijen was om de opgebouwde pensioenrechten te verevenen overeenkomstig de WVPS, terwijl [gedaagde] niet bereid is vrijwillig zijn medewerking te verlenen en het gaat om een reeds ingegaan pensioen.

De beslissing

4.1 Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft [eiseres] onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij een spoedeisend belang heeft bij haar vorderingen. Dat zij wellicht een vordering heeft op [gedaagde] maakt de aanspraak op het gevorderde nog niet spoedeisend.

4.2 Voorts maakt het feit dat [gedaagde] thans zijn medewerking niet wenst te verlenen aan ondertekening van een verklaring op basis waarvan GBF zal overgaan tot directe uitbetaling aan [eiseres] het gevorderde evenmin spoedeisend. Het gaat in casu immers om een nog slechts door [eiseres] gepretendeerde vordering, die (nog) niet als vaststaand kan worden aangenomen, omdat [gedaagde] de door [eiseres] gestelde grondslag van die vordering gemotiveerd heeft betwist en een bodemrechter hierover nog geen uitspraak heeft gedaan. Een beslissing over het al dan niet bestaan van een vorderingsrecht zoals door [eiseres] gesteld draagt het karakter van een verklaring voor recht. De voorzieningenrechter mist daartoe de bevoegdheid.

4.3. Uit het voorgaande volgt dat de gevraagde voorziening moet worden geweigerd. In de omstandigheid dat partijen gewezen echtelieden zijn, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om de proceskosten in deze procedure zo te compenseren, dat ieder der partijen de eigen kosten draagt.

De beslissing

De voorzieningenrechter:

I. Weigert de gevraagde voorzieningen.

II. Compenseert de kosten van deze procedure zo, dat ieder der partijen de eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen te Almelo door mr. W.K.F. Hangelbroek, voorzieningenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 mei 2012, in tegenwoordigheid van de griffier.

Share

Gevolgen pensioenen bij echtscheiding

Bij scheiding wordt het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd, gedeeld tussen beide partijen. Dit wordt ‘verevening’ genoemd. Je kunt hiervan afwijken door in de huwelijkse voorwaarden of in het scheidingsconvenant een andere verdeling af te spreken. Bij ‘verevening’ ben je afhankelijk van je ex-partner die het pensioen heeft opgebouwd. Het ouderdomspensioen komt namelijk pas tot uitkering op het moment dat je ex-partner de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Overlijdt je ex-partner dan krijg je als vereveningsgerechtigde geen ouderdomspensioen meer uitgekeerd. Overlijd je zelf dan krijgt jouw ex-partner weer het volledig ouderdomspensioen.

Je kunt ook gezamenlijk kiezen voor conversie. Het ouderdomspensioen wordt dan omgezet in een eigen pensioenrecht. Het voordeel is dat geen van beiden nog afhankelijk is van het leven of de dood van de ander. Aan conversie kleven ook nadelen. Als jouw ex-partner overlijdt, stopt de alimentatie en heb je ook geen recht op een eventueel nabestaandenpensioen. Bij conversie wordt het nabestaandenpensioen namelijk omgezet in een eigen aanspraak op ouderdomspensioen. Bovendien moeten beide ex-echtgenoten meewerken aan conversie en dat is in de praktijk niet zo eenvoudig. Zeker omdat de partner die het pensioen heeft opgebouwd, het afgestane deel van het ouderdomspensioen niet terugkrijgt als de ander komt te overlijden.

Zoals u merkt komt er bij een echtscheiding nogal wat kijken en zijn er veel zaken die geregeld moeten worden. Het zijn beslissingen waarover u eerder niet hoefde na te denken en dat kan natuurlijk voor onrust zorgen. Daarnaast spelen de emotionele aspecten uiteraard ook nog een rol.

Tremanormen.nl kan u tijdens het echtscheidingsproces bijstaan op juridisch, financieel en fiscaal gebied. Neem gerust telefonisch op 074 – 250 72 73 of per email contact met ons op voor een vrijblijvend oriënterend gesprek òf wanneer u concrete vragen hebt. Zo krijgt u op het praktische vlak in ieder geval alvast een stuk rust en zekerheid terug.

Share